zaterdag 18 juli 2009
Over publiek en privaat, de Balkenende norm en idealistische ondernemers
'Ik snap niet waar ze zo moeilijk over doen', was de reactie van Mart Smeets op de pogingen zijn bijklusinkomsten bij de VARA te achterhalen. Smeets had het niet over de moeite die de grootverdieners van de publieke omroep doen om te verzwijgen hoeveel ze verdienen noch over de onwil van omroepen de hoogte van de salarissen vrij te geven. Hij had het ongetwijfeld ook niet over de moeite die de grootverdieners doen via persoonlijke bv's de dreigende Balkenendenorm te omzeilen. Waarom Smeets het belachelijk vindt dat er zo moeilijk over werd gedaan, wordt jammer genoeg niet duidelijk uit het NRC-artikel. Misschien bedoelde hij zoiets dat er niet zo gezeurd hoefde te worden over hardwerkende mensen die loon naar werken krijgen. 'Doe toch niet zo moeilijk'. Maar ik doe graag moeilijk. Het wachten is op een onderbouwing waarin Caroline Tensen kan duidelijk maken dat het werk dat zij van publiek geld verricht, belangrijker is dan het werk van een minister-president of andere helden uit het publieke domein, laten we zeggen leraren. Die argumentatie blijft uit. De omroepen legitimeren de hoge salariskosten niet zozeer met argumenten die van maatschappelijke waarde spreken (hetgeen me noodzakelijk lijkt: het gaat immers om publiek geld), maar stellen simpelweg dat het kijkcijferkanonnen zijn. Paul de Leeuw, daar kijken 2 miljoen mensen naar. Dat mag wat kosten. Dat leidt tot de situatie dat de bekostiging van personeel dat met publiek geld wordt betaald, wordt gerechtvaardigd met argumenten die ontleend zijn aan het domein van de private sfeer: de vrije markt waar vraag en aanbod, winst en marktaandeel doorslaggevend zijn. Daar moet je niet moeilijk over doen! Onze werkelijkheidsopvatting stipuleert immers dat kijkcijfers onderdeel uitmaken van de belangrijkste maatschappelijke wet, de wet van winstmaximilisatie. Hoezeer dit de norm is blijkt uit de verassing (en het ongeloof) van een NRC-columnist over een artikel uit het Tijdschrift voor Management en Organisatie waarin captains of industry gevraagd naar hun drijfveren, NIET 'geld, optieplannen en bonussen' opnoemden. De columnist Johan Schaberg wijst terug op andere tijden waarin het wellicht nog vanzelfsprekend was dat het bedrijfsleven nadacht over maatschappelijke verantwoordelijkheid. In de jaren dertig bijvoorbeeld kwamen vooraanstaande Rotterdamse ondernemers samen om te praten over hun maatschappelijke verantwoordelijkheid in de crisis. Maar dat is niet van deze tijd en het eerste vermoeden dat Schaberg uitspreekt is dan ook dat de geinterviewden hypocriet zijn. Het is niet chic om over geld te praten, een houding die de grootverdieners bij de omroep bekend moet voorkomen. De andere optie is dat deze gevierde business boys 'met toegenomen inzicht en rijpheid' begrijpen dat geld niet zo belangrijk is. In omroepland is dat inzicht blijkbaar niet aan de orde. Ik ben niet op de hoogte van grootverdieners die op de buis hun maatschappelijke drijfveren blootlegden en verklaarden daarmom met minder genoegen te nemen. Het wachten is op een persoon die in de oh zo kritische programma's van Pauw en Witteman of Matthijs eens moeilijk gaat doen en de kijkcijferkannonen onder vuur neemt. Als het startschot gegeven is zal niet tot ontmanteling van het publieke stelsel worden overgegaan, maar zullen alleen diegene die maatschappelijk relevante programma's maken voor een maatschappelijk acceptabel salaris overblijven. Die oplossing lijkt me niets om moeilijk over te doen.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten