Daar op die zolderkamer voltrok zich het wonder van nabijheid. We waren afgesloten. We hadden geen geld, geen vriendin, nauwelijks succes, alleen een vage belofte dat er 'iets' te gebeuren stond. We hadden een baan waar we het nut niet van inzagen, ook nog eens op een muf kantoor en er liepen luitjes rond die er verstand van meenden te hebben. Een mooi huis hadden we ook al niet. Het logeerbed bestond uit een matras dat ternauwernood in de huiskamer paste. Plassen deed je in de gootsteen of als het niet te koud was in de plantenbak op het balkon. Wel zaten we in meesterlijke fauteuils, zoals alle huisraad afkomstig uit de overbodige inboedel van ouders. En we konden sigaretten draaien en urenlang ouwehoeren.
Op die avonden dat ik na werk bleef overslapen, lazen we elkaar steevast voor uit Nescio. En dan ervoeren we een nabijheid, alsof Nescio al begrepen had hoe wij ons zouden voelen. Die Titaantjes, dat waren wij. De hoge heeren, ja, dat waren die lui die er 'echt niets van begrepen'. En de kantoren moesten afgebroken worden. En de zon, ja, die moest in een hoedendoos. Nescio was onze profeet.
Maar ergens klopte het niet. De Titaantjes dat waren ook lafaards, slappelingen die al bij de pakken neer gingen zitten nog voordat het leven goed en wel begonnen was. Ze verklaarden dat 'Gods's doel doelloosheid' was om zich van de plicht tot inspannig te ontslaan. De ambitie ergens te komen legde het af tegen de zon die eindeloos rondjes draait, het water dat maar stroomt, de wind die maar blijft waaien. De Titaantjes gaven bij voorbaat al de strijd op. Nescio was een stakkerig wijze burgerman waar je vooral niet naar moest luisteren. We hadden nog een wereld te winnen.
Die spanning tussen adoratie en afkeer vormt het uitgangspunt van de serie 'Nescio voor beginners'. Middels film en tekst wil we de rijkdom tonen van deze sublieme schrijver.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten